Verordening 213
Verordening 213 vloeit voort uit artikel 213 van de Gemeentewet. Deze verordening regelt de controle op het financieel beheer en de inrichting van de financiële organisatie door de accountant. In de verordening zijn regels gesteld Deze verordening is door de Gemeenteraad vastgesteld op 12 november 2003. De citeertitel van de verordening is ‘Controleverordening’. In het dagelijks spraakgebruik wordt de verordening echter ‘verordening 213’ genoemd.
| Gemeentewet, artikel 213 | ||
| 1 | De raad stelt bij verordening regels vast voor de controle op het financiële beheer en op de inrichting van de financiële organisatie. Deze verordening waarborgt dat de rechtmatigheid van het financiële beheer en van de inrichting van de financiële organisatie wordt getoetst. | |
| 2 | De raad wijst een of meer accountants aan als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, belast met de controle van de in artikel 197 bedoelde jaarrekening en het daarbij verstrekken van een accountantsverklaring en het uitbrengen van een verslag van bevindingen. | |
| 3 | De accountantsverklaring geeft op grond van de uitgevoerde controle aan of: | |
| a | de jaarrekening een getrouw beeld geeft van zowel de baten en lasten als de grootte en samenstelling van het vermogen; | |
| b | de baten en lasten, alsmede de balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen; | |
| c | de jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met de bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te stellen regels, bedoeld in artikel 186 en | |
| d | het jaarverslag met de jaarrekening verenigbaar is. | |
| 4 | Het verslag van bevindingen bevat in ieder geval bevindingen over: | |
| a | de vraag of de inrichting van het financiële beheer en van de financiële organisatie een getrouwe en rechtmatige verantwoording mogelijk maken en | |
| b | onrechtmatigheden in de jaarrekening. | |
| 5 | De accountant zendt de accountantsverklaring en het verslag van bevindingen aan de raad en een afschrift daarvan aan het college | |
| 6 | Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de reikwijdte van en de verslaglegging omtrent de accountantscontrole, bedoeld in het tweede lid. | |
| 7 | Accountants als bedoeld in het tweede lid kunnen in gemeentelijke dienst worden aangesteld en worden in dat geval door de raad benoemd, geschorst en ontslagen. | |
De verordening bevat de volgende onderdelen:
| artikel 1 | Definities |
| artikel 2 | Opdrachtverlening en accountantscontrole |
| artikel 3 | Informatieverstrekking door College |
| artikel 4 | Inrichting accountantscontrole |
| artikel 5 | Toegang tot informatie |
| artikel 6 | Overige controles en opdrachten |
| artikel 7 | Rapportering |
| artikel 8 | Inwerkingtreding |
| artikel 9 | Citeertitel |
In het Besluit Accountantscontrole Provincies en Gemeenten (BAPG) zijn nadere regels gesteld voor de accountantscontrole (op basis van artikel 213, 6e lid Gemeentewet). Er wordt ingegaan op de maximaal te hanteren goedkeuringstoleranties, de te hanteren formulering voor de accountantsverklaring en de eisen voor het verslag van bevindingen.
